Belgian F4: Interlagos: zeges voor Julien Massant, Rune Bobbaers en Yentl Van Thielen
In de tweede wedstrijd mocht Gaetan Fagnan-Polis vanop pole starten en reed al snel een mooie voorsprong bijeen. Maar Van Thielen en Peeters hadden de jacht geopend op de piloot van Scuderia Volpe by P1Sim. Samen wisten ze de kloof halfweg de race te dichten, en met nog minder dan vijf minuten te gaan lag de wedstrijd weer helemaal open. In de laatste ronde viel de beslissing: na een fout van Peeters wisten Van Thielen en Fagnan-Polis een gaatje te slaan. Tot overmaat van ramp kwam Peeters vervolgens nog in aanraking met Giulian Sorvillo, wat hem een straf opleverde en hem terugwierp naar de veertiende plaats. Collin eindigde daardoor als derde, voor Roobrouck en Romano.
Bij de Am’s stond er in de eerste wedstrijd geen maat op Julien Massant. De rijder van NNRT/DIGITRAQZ veroverde poleposition en reed onbedreigd weg van de rest van het veld. Lorenz De Vlieger, die zich als tweede had gekwalificeerd, moest liefst zes seconden toegeven op de winnaar. Daarachter finishte Stéphane Vandersmissen als derde, op twee seconden van De Vlieger. Bastien Van Rijckeghem en Rune Bobbaers vervolledigden de top vijf.
Waar er in de eerste wedstrijd sprake was van dominantie, kregen we in de tweede race een echte driestrijd te zien. Bobbaers, Vandersmissen en Julien Agneessens wisten zich los te werken van de rest van het veld. Terwijl het drietal ronde na ronde in elkaars kielzog bleef, zette Bobbaers pas in de laatste ronde de beslissende inhaalbeweging in. Zo behaalde hij zijn derde overwinning van het seizoen – opvallend genoeg telkens in de tweede race. Vandersmissen moest genoegen nemen met de tweede plaats, terwijl Agneessens het laagste podiumtrapje bezette. Serge Dendas lag de hele race op een vierde positie, maar kon uiteindelijk niet verhinderen dat Massant hem nog voorbijging en hem zo verwees naar de vijfde plaats.
Binnen twee weken staat de volgende wedstrijd op het programma. Dan trekt het virtuele peloton richting Fuji.
Tweet





























Sam Dejonghe