van der Horst

Alpine A290 GTS: Wanneer heiligschennis een zegen wordt

Alpina A290 GTS
Alpina A290 GTS
Voor het eerst in haar geschiedenis laat het Franse Alpine de geschiedenis vóór en ná de iconische A110 los, met een elektrische hot-hatch in de vorm van de A290, ofwel een gespierde Renault 5 E-Tec. In het hoofd van de liefhebber van Alpine, en van de autosportliefhebber, lijkt alles op pure blasfemie en heiligschennis, maar eens je in de kuipzetels kruipt blijkt het gevloek in de kerk een zegen voor de autowereld.
Alpina A290 GTS
Alpina A290 GTS
Maar wat halen ze toch in hun hoofd? Zo zal er vaak gedacht zijn, toen de eerste elektrische A290's van de band rolden. We waren al een beetje vertrouwd met re-makes van bekende modellen maar Alpine zorgde met hun A110 wel voor de mooiste remake ooit. En die pufte en bulderde en spuwde letterlijk nog kracht uit.

Er kwamen tal van geslaagde en minder geslaage varianten, en met de nieuwe A110 op de tekentafel kondigen er zich nog meer versies aan. Maar dat Alpine zich ging wagen aan hot-hatch, en dan nog volledig elektrisch: dat leek wel een brug te ver. Nochtans niet zo heel raar. In "eigen land"/Stellantis-land deed DS het al voor op een meer luxueuze manier, denk maar aan de DS3. 

In het spoor van Didier Auriol en Bruno Saby

Renault 5 Turbo
Renault 5 Turbo
Maar er zit een groter plan achter. De nieuwe Renault 5 is, na de Alpine A110, nu al de meest geslaagde make-over van de jaren 2000. Dat is ook niet moeilijk, als je bijvoorbeeld kijkt naar de Ford Capri, om er maar eentje te noemen. Nee, Alpine trok eerder al naar het WEC en F1, en heeft nu met de A290 zelfs een eigen rallycup in Frankrijk, als opvolger van de Renault 5 Rally Turbo. Het doet de rallyfan al dromen, en dat is logisch want de A290 ziet er uit als dé perfecte rallywagen, een waardige copy van de wagen waar ooit Didier Auriol, Bruno Saby en Jean Ragnotti furore mee maakten. De R5 en bij uitbreiding de Alpine A290 is minstens even geslaagd als de remake van de A110, en een echte "eyecatcher", ofte een "accroche-regard".

Maar genoeg geschiedenis. Tijd om meer te praten over de A290 GTS.
Zoals reeds gezegd straalt de A290 pure nostalgie uit en zijn de gelijkenissen met Group B-versie niet veraf. Of meer nog, met die vierkante lichtjes heeft ie ook wat weg van een Renault Clio Kit Car die ook op het netvlies gebrand blijft. Dit project is één grote knipoog naar de jaren '80. En terecht, want we grijpen ook terug naar cassettes en vinyl... Alles komt terug.

In Douai, ofte Dowaai in het Vlaams - want zo dicht bij huis wordt monster gebouwd -, kreeg de A290 een chassis aangemeten van 2,5 meter waardoor de agressiviteit er van afspat. De vleugels op de zijschorten van voor naar achter zorgen voor een perfecte verbinding tussen de wielbasis. Maar evengoed blijft de wagen trouw aan de Alpine, met de subtiele karakterlijntjes op de achterdeur, maar vooral die dubbele koplampjes. Ze lijken er wat op gegooid, en het lijkt o zo ver gezocht, maar het smoelwerk heeft alles om de geschiedenis in te gaan. En ze lachen zo mooi als je nadert. Maar er is ook trouw gebleven aan de originele elektrische R5, met het ingewerkte schermpje op de motorkap dat even ludiek als ingenieus is. Dit is een wagen, in alle versies, die altijd het nakijken waard is en het beste van drie werelden combineert, op een vaak weinig subtiele wijze.

De kleine deurtjes doen weinig goeds verhopen, maar binnenin is er best wat ruimte. Er is goed gedacht aan het comfort van de rijder en eerste passagier, zonder dat de achterbank werd vergeten. Daar is wel degelijk plaats voor twee à drie kinderen. De voetjes raken wel niet onder de voorzetel. Het moet gezegd. De verstelbaarheid van de pilootzetel is een beetje uit de tijd. Het neemt een poosje aleer je perfect verschoven en gedraaid zit.

Maar eens je zit, begin je te snappen waarom dit concept nauwer aanleunt bij Alpine dan bij de Renault 5 E-tec.

Het infotainmentsysteem lijkt soms wat beperkt - die komt wel uit het bredere Renault-gamma - , de geluidschakelaar zit goed verstopt onder de hendel van de ruitenwissers en heeft een ietwat onhandige draaiknop en de knopjes voor het warmtesysteem lijkt op het valse ondergebit van Jean Rédélé, de eerste ontwerper van Alpine. 

F1-Overtake

Alpina A290 GTS
Alpina A290 GTS
Het is niet onvergeeflijk, maar je doet er wel even over, vooral omdat op het - opvallend - grote stuur ook veel gebeurt, met drie externe knoppen: de OV-knop (Overtake), de Driver Mode en de blauwe RCH-knop (Recharge). Vooral van die laatste lijkt het alsof je een draaikurkje van een fles Pepsi moet openen, maar de functie is wel heel duidelijk en meteen voelbaar in het rijgedrag. Die OV-knop daarentegen... Het is een knipoog naar de Overtake-knop uit de F1 en genereert een instantboost van maximaal tien seconden, die je evenwel ook krijgt als je het gaspedaal helemaal indrukt. Leuk is het wel, en het oogt ook fantastisch. Onmogelijk om er van af te blijven, maar met een beperkte meerwaarde.

Over de afwerking valt weinig te zeggen. Het is af, met talloze verwijzingen - in de meest onmogelijke hoekjes - naar Alpine. A290 boven het handschoenkastje en op de armleuning, het logo van Alpine op het stuur en de middenconsole, ... Proper naaiwerk in het aangename leder. Het ademt Frans haantjesgedrag uit. Het Alpineblauwe lijntje boven de deurstijlen is zo slim gevonden, om toch nog dat extra vleugje nostalgie toe te voegen. De brede smoel, de stevige difuser, maar pocherig is de A290 nooit. Geen brede achtervleugel, maar een kleine vinnetje volstaat: Alpine heeft dit o zo goed gedaan.

En dan moet er nog gereden worden. We trekken naar zijn geboortegrond, in het noorden van Frankrijk, op een boogscheut van Dowaai, in de schaduw van de terrils in Lens. Het land is er vlak, het asfalt abrassief, bijna op maat gemaakt van de Michelins die er maar al te graag in bijten. Het spreekt voor zich dat we van de roze Save-mode, langs blauwe normaal-mode naar de rode sportstand gaan. Het geluid wordt ietwat versterkt waardoor het Formule E-gehalte stijgt. Allemaal bescheiden, maar wel goed voor de anders stille beleving.

Tunnelvisie

Alpina A290 GTS
Alpina A290 GTS
Alles wordt op scherp gezet. We gaan meteen voor de OV-stand. Het dashboard gaat in tunnelvisie waar zich een halve lichtshow afspeelt. En daarna gaan ook wij in tunnelvisie, iets waar de makers gelukkig geen last van hadden. De jonge tarwe en de uitgebloeide korenvelden vliegen aan ons voorbij en de wagen lijkt te zweven over de wegen, zonder maar een beetje voeling te verliezen met het asfalt. Het stuur reageert ontzettend responsief, zowel in het korte - dankzij het korte chassis - als snellere bochtenwerk. Op hobbelige stroken voel je hoe goed de A290 is afgesteld: hard afgeveerd, maar nooit bonkig of hoekig. De wagen krijgt alle Watts netjes op de grond. Voel je wat wielspin of onderstuur, dan is enkel de bestuurder de schuldige. Omgekeerd telt ook: de (blauwe) Brembo-remschijven onder de brede wiellijsten bijten zich stevig vast en brengen dit lichtgewicht - alhoewel 1,5 ton - zonder zorgen naar de volgende bocht. Nee, deze wagen lijkt een verlengstuk van ons brein en onze handen. Alles passeert zo vlot en gecontroleerd, waardoor je het gevoel krijgt dat de wagen steeds om meer vraagt, wat absoluut niet nodig is, want het genot en de zalige rij-ervaring komt ontzettend snel, net zoals een brede glimlach.

Maar ook in het gewone verkeer is de Alpine uiterst aangenaam, als stadswagen, al merk je aan alles dat dat niet de natuurlijke habitat is van deze wagen. Daar is er uiteraard de Renault 5 E-Tec voor. 

Het rijbereik is minder indrukwekkend. Onze eerste rit bedroeg 130 kilometer autosnelweg, huiswaarts, en het was al even schrikken toen het rijbereik in Waals Picardië pijlsnel naar beneden dook. De paniek was niet nodig, maar 200 km autosnelweg... Dat mag je beperkt noemen, ook al is het maar een klein wagentje. Bij rustig, gemengd verkeer is de kaap van de 300 kilometer wel haalbaar, en met die prestaties sta je wél onder de mensen.

Alpina A290 GTS
Alpina A290 GTS
Deze Alpine A290 GTS is echt af en er valt zo ontzettend weinig op af te dingen. Een geweldig design met een geslaagde nostalgische saus, en strakke, uitdagende rij-ervaring en een flitsend weggedrag. In de eerste plaats wordt dit een hebbeding, want 45.000 euro is niet mals, voor de beperkte ruimte (en dito rijbereik). Maar Alpine heeft wel een lat gelegd, en die ligt hoog. Voorlopig kan je stellen dat de A290 in dit segment uniek is en zijn gelijke niet kent. We eindigen waar we begonnen. Het leek wel heiligschennis dat een naam en merk als Alpine met dit mooie speelgoed op de proppen kwam. Maar als andere merken volgen met een EV Hot-hatch, dan is deze Franse coup een zegen! Het is nu al reikhalzend uitkijken naar de R5 Turbo!

Foto's: Sandro Delaere & Renault Group
 



Dit artikel werd gepubliceerd door Sandro Delaere in Wagentest op dinsdag 12 mei 2026.
  • LTF

Copyright 2000-2026 Autosport.be - Contacteer ons